Mediation

Mediation begint vol­wassen te worden. De verwarring met meditatie verdwijnt en ook snappen steeds meer mensen dat het bij mediation niet alleen hoeft te gaan om het voorkomen van een vechtscheiding. De zake­lijke markt ontdekt de professio­nele middelaar en het lijkt erop dat de regio Zwolle daarvoor een vruchtbare voedingsbodem biedt.

„Zit je bij een mediator aan tafel, dan gaat het over je eigen conflict. Je kunt meepraten, je emoties kwijt en meedenken over de op­lossing. Anders dan bij een gerech­telijke uitspraak waarmee je het maar moet doen. In de meeste za­ken komen partijen tot elkaar, zelfs na eerdere escalatie. En meestal kan er ook nog een (zake­lijke) relatie in stand blijven”, al­dus Marjon Bosma, advocaat en mediator in Zwolle. Ze houdt on­der andere kantoor in Droom van Zwolle, het netwerkkantoor aan de Koestraat waarvan Rini te Velt­huis mede-initiatiefnemer is. Ook Rini is van ‘huis uit’ jurist, gespe­cialiseerd in arbeidsrecht en me­diator. Bij hen heeft zich ook Mar­cel Douma aangesloten, voorma­lig ondernemer, bedrijfskundige en al weer een flink aantal jaren business-mediator. Gedrieën trek­ken ze op om mediation binnen de zakelijke wereld meet bekend­heid te geven. Bij mediation wordt meer naar een oplossing gezocht dan naar het eigen gelijk. Nog te veel zake­lijke conflicten worden naar de mening van het trio tot voor de rechter uitgevochten. Bij toepas­sing van de letter van de wet ver­harden standpunten zich makke­lijk en worden de loopgraven die­per. Mediation daarentegen geeft het menselijke aspect een kans.

„Zo lang je aan tafel zit bij de me­diator dan zie je het nog zitten”, schetst Marcel Douma. „Als me­diator is het niet nodig om je uit­puttend in het conflict en de voor­geschiedenis daarvan te verdie­pen. Je hoeft immers geen oor­deel te vellen, maar je kunt je rich­ten op de mogelijke oplossing.”

De meeste zaken kunnen in drie tot hooguit vier sessies van twee uur beklonken worden, zo is de er­varing. Het is de taak van de me­diator om het proces te bewaken.

„Heel wat sneller en met minder kosten dan een juridische proce­dure”, meent Bosma. „Bovendien brengt mediation partijen vaak dichter bij elkaar, terwijl een ge­rechtelijke uitspraak tot verwijde­ring kan leiden. Vooral op regio­naal vlak, waar bedrijven elkaar toch steeds weer tegenkomen, is dat laatste onwenselijk.”

De drie mediators richten zich vooral op de zakelijke markt. Me­diation past goed bij het ‘type on­dernemer’ in deze regio, zo me­nen ze. Rini te Velthuis: „Binnen grote bedrijven is de mogelijk­heid om een mediator in te scha­kelen doorgaans wel in het con­flictmanagement opgenomen. Bij het midden- en kleinbedrijf (MKB) ligt dat nog duidelijk an­ders. Daar heerst nog een grote mate van onbekendheid en onwe­tendheid, terwijl er veel speelt op het gebied van arbeidsrecht, con­tracten, overnames, verhoudin­gen binnen familiebedrijven, leve­ranties of de gunning van op­drachten. Omdat het grootste deel van onze regionale economie wordt gevormd door het MKB valt er dus nog veel te winnen.”

De ervaring van de drie media­tors is dat door het persoonlijke contact en de sturing daarvan nieuwe creativiteit naar boven komt. „Voordeel is bovendien dat de kosten beperkt blijven. Media­tion kan op elke moment gestopt worden en in de meeste gevallen wordt een gang naar de rechter voorkomen,” aldus Bosma.

De regio Zwolle en in breder ver­band de provincie Overijssel vor­men zeker geen witte vlek op de kaart als het om mediation gaat.

Sterker nog: er is sprake van een voorbeeldfunctie. Al in 2001 werd de ‘Methode Overijssel’ gelan­ceerd, een alternatieve manier van conflictoplossing tussen bur­gers en de provincie. Sinds die tijd is er veel ervaring opgedaan met praten in plaats van met el­kaar de degens kruisen in eindelo­ze en geld verslindende bezwaren­procedures.

Ook landelijk hebben de drie me­diators de wind mee, want er wordt gewerkt aan een wettelijke basis van mediation. Die kan de rechtelijke macht aanzienlijk ont­lasten. Enerzijds bestaat die basis uit het wettelijk regelen van een beschermde status voor professio­nele registermediators. Partijen kunnen er dan van opaan dat ze altijd goed zitten met een media­tor met ‘keurmerk’. Anderzijds uit de verplichting om mediation te overwegen alvorens de gang naar de rechter wordt gemaakt.

Partijen moeten dan met reden omkleed aangeven waarom ze geen mediation geprobeerd heb­ben. Er is nog discussie over of hiermee in enige mate de vrije toegang tot de rechter wordt be­lemmerd, maar als uitkomst wordt toch een prominentere rol voor mediation verwacht.

Frans Ebeltjes, de Stentor 11-09-2014